Zoals bij elke sport wordt ook bij golf een eigen terminologie gebruikt. Bij golf betreft het echter nogal een hele waslijst aan termen die elke speler grotendeels kent en gebruikt.
Hieronder vind u een uitgebreide lijst met golftermen met bijbehorende uitleg. De uitleg is gebaseerd op rechtshandige spelers.
A - B - C - D - E - F - G - H - I - J - K - L - M - N - O - P - Q - R - S - T - U - V - W - X - Y - Z
A
ACE
De Amerikaanse term voor een hole-in-one.
ADRESSEREN
De voorbereiding op een slag. Het lichaam in die juiste houding brengen om de mooiste slag van je golf carrière te maken. De routines uitvoeren die je jezelf aangeleerd hebt, want als je dat niet doet sla je als een vaatdoek. De club achter de bal plaatsen, nog even een schietgebedje. Alles is onder controle tijdens de voorbereiding, het adresseren.
TIP: Voor het resultaat, zie balvlucht, het deel waar slechts pro’s controle over hebben.
ABNORMALE TERREINOMSTANDIGHEDEN
ABNORMAL GROUND CONDITIONS
Delen van een hole waar, door uitzonderlijke situaties, speciale regels van toepassing zijn.
Water plassen door regenval of hoog water. Grond in bewerking vanwege onderhoud. Een hol van een dier. Zonder strafslag mag de bal buiten dit gebied gedropt worden onder strafslag, natuurlijk niet dichter bij de hole.
TIP: Hoog gras of een vijver zijn geen abnormale terreinomstandigheden.
AIR BALL / AIR SHOT / AIR SWING
Het resultaat van een beroerde slag waarbij de bal zeer hoog gaat en een paar meter verderop een krater maakt. Wanneer je dit met een driver gebeurd zal het waarschijnlijk een blijvende herinnering achterlaten de bovenkant van je club hoofd.
ALBATROSS / DOUBLE EAGLE
Drie slagen onder par uitholen. Dit betekent dus een hole in one op een par 4. U zult begrijpen dat dit zeer zeldzaam is. Dit is tevens de rede waarom het een veel voorkomende naam is voor een golfclub. Het wordt ook double eagle genoemd.
Klik hier voor meer score namen met uitleg
Klik hier voor meer score namen met uitleg
ALIGNMENT
Je lichaam oplijnen ten opzichten van het doel. Voeten, heupen, schouders, het hoofd en niet te vergeten, je gedachte.
TIP: Visualiseren werkt niet, lessen volgen wel.
ALL SQUARE
Bij een matchplay wedstrijd staan de spelers all square als ze gelijk staan. Bij gelijkspel aan het einde van de ronde wordt er doorgespeeld totdat een speler beter scoort als de ander.
APPROACH
Een approach shot is bedoeld op de green te eindigen, als altijd, zo dicht mogelijk bij de hole. Wanneer de green niet gehaald wordt heet het gewoon vette pech of een slechte approach.
APRON
Het kort gemaaide stuk gras rond de green. De lengte van het gras is duidelijk korter als de fairway maar langer als de green.
AMATEUR
Een golfer die geen geld verdiend met het golfen. Dus ook geen geld onvangen voor het geven van instructies of sponsoring. De waarde van een gewonnen prijs mag niet meer zijn als € 700. Hierbij wordt zowel prijzengeld als de winkelwaarde van gewonnen prijzen meegerekend. Ik ben geen pro, ik heb alleen een keer een flesje olijfolie gewonnen. Kijk op de site van de NGF voor meer info.
B
BACK NINE
De tweede groep van negen holes op een achttien holes golfbaan. Het wordt ook IN genoemd aangezien je in het algemeen weer richting het clubhuis loopt.
BACKSPIN
Wanneer je golf op TV ziet rollen de ballen vaak terug na het landen. Dat komt door de backspin. Door de hoek van de club krijgt de bal deze draaiing. Een bal zal eerder bijten (stoppen met rollen) wanneer hij landt, dit geeft meer controle.
Het zorgt ook dat een bal klimt. Met name bij drivers is het vaak goed te zien dat de bal opeens een stukje omhoog gaat tijdens de balvlucht, dit komt ook de backspin.
BACKSWING
Delen van de swing hebben namen. Het deel waarbij je naar achter en omhoog swingt heet de backswing.
TIP: De backswing bepaald voor een zeer groot gedeelte het eindresultaat, het verdiend rust en aandacht. Ik gebruik zelf de a-lé-hop methode. Ik neem de tijd voor mijn backswing, en zeg rustig in mijzelf a-lé, hop is slag zelf.
BALATA
Balata ballen hebben een coating die gemaakt is van sap van een tropische boom. Balata ballen zijn naar verhouding duur, sommige golfers zweren er bij.
BALVLUCHT
In het Engels heet dit TRAJECTORY. Er bestaan verschillende mogelijke manieren waarop de bal op je swing reageert, zie Verklaring Balvlucht. Vaak is de STRAIGHT de bedoeling maar het resultaat is vaak een van de volgende:
- FADE een balvlucht met een (kleine) curve naar rechts.
- PULL een bal die links van de baldoellijn vertrekt.
- PULL-HOOK een schot waarbij de bal vertrekt links van het doel en nog verder naar links afbuigt.
- PULL-SLICE een schot waarbij de bal vertrekt links van het doel en afbuigt naar rechts.
- PUSH een bal die rechts van de baldoellijn vertrekt.
- PUSH-HOOK schot waarbij de bal vertrekt rechts van het doel en afbuigt naar links.
- PUSH-SLICE een schot waarbij de bal vertrekt rechts van het doel en afbuigt naar rechts.
Zie Verklaring Balvlucht voor meer informatie.
BEST BAL
Een wedstrijdvorm voor vier spelers, twee teams van twee spelers. Iedere speler speelt met zijn eigen bal. De beste score per team telt als team score.
Klik hier voor meer wedstrijdvormen
BEWAKEN
Tijdens een put mag de vlag niet geraakt worden door de bal. Om bij een put over een grote afstand de ligging van de hole te zien kan de hole door een medespeler bewaakt worden. Direct na het slaan van de bal wordt de vlag verwijderd. Wanneer de vlag ondanks het bewaken toch met de bal geraakt wordt krijgt de speler twee strafslagen, raar hé.
BIRDIE
De naam van de score één onder par.
Klik hier voor meer score namen met uitleg
BITE
Een bal heeft bite wanneer deze direct stilligt na het landen, de bal heeft dus geen rol. Zie ook ZIT.
BLINDE HOLE / BLINDE SLAG
Een hole waarbij de green niet te zien is vanaf de afslagplaats. Bij een blinde slag kan men de plaats waar de bal moet landen niet zien.
BOGEY
Een score van 1 slag boven par.
Klik hier voor meer score namen met uitleg
BREAK
De afwijking die de bal heeft tijdens het putten die veroorzaakt wordt door de helling van de green.
BRUTO SCORE
De score op een hole zonder handicap verrekening. Zie ook uitleg handicap.
BUNKER
De kunstmatige hindernis. Een kuil gevuld met zand. Deze zijn meestal rond de greens te vinden. Midden op de baan heet het een fairway bunker.
BUY OUT STROKE
Zie ONSPEELBARE BAL.
C
CADDIE
Deze assistent draagt de golftas van de speler en mag de speler adviseren. Het is ook mogelijk dat een caddy voor de speler uitloopt, deze forward caddy dient de bal van de speler te vinden na de slag. Indien je je caddy raakt met de bal gelden de zelfde regels als bij de golftas.
CARRY
De afstand die de bal door de lucht aflegt.
CHIP / CHIPPEN / CHIP-IN
Een korte slag die meestal bij de green gebuikt wordt. De bal vlucht van de bal is kort en laag maar de bal rolt vervolgens een eind door. De bedoeling is een chip-in waarbij de bal in de hole verdwijnt
CLOSED CLUBFACE
Gesloten clubblad in het Nederlands. Bij het adressen en/of de slag staat het clubblad niet recht op het doel gericht maar wijst naar links (rechts voor linkshandige spelers). Het resultaat is vaak een hook of een draw.
CLOSED STANCE
Het lichaam staat verkeerd opgelijnd, gesloten ten opzichten van het doel. De linker voet staat teveel naar voren en recht naar achter (andersom voor linkshandige spelers). Pro’s staan vaak closed opgelijnd en slaan vervolgens een draw.
Zie Verklaring Balvlucht.
CLUB
De golfstok, dit is zowel een ijzer als houten. De putter wordt, zover ik weet, geen club genoemd.
Zie hier voor uitleg van de verschillende clubs met bijbehorende afstanden
CLUB LENGTE
De lengte van de golfstok.
COMPETITOR
Een deelnemer aan een strokeplay wedstrijd wordt competitor genoemd aangezien hij deelnemer is aan de strijd tegen par, het baan gemiddelde. Ander spelers in een flight worden mede-competitors genoemd, niet tegenstanders.
COURSE RATING
De moeilijkheid van een golfbaan wordt aangeduid met Course Rating (CR). Indien je weet hoe die bepaald wordt hoor ik dat graag. Het getal wordt gebruikt om de playing handicap te berekenen.
Zie uitleg handicap elders op deze site.
CUP
Zie HOLE
CUT
Officiële wedstrijden worden vaak op meerdere dagen gespeeld. Tijdens zo’n wedstrijd wordt op een gegeven moment een bepaald wie de volgende dag mee mag spelen op basis van de score. De spelers die de cut halen mogen de volgende dag verder spelen.
of
Uitdrukking ge-uit door nederlandse golfers na het missen van een slag.
of
Uitdrukking ge-uit door nederlandse golfers na het missen van een slag.
D
DIMPLE
Een putje in een golfbal. Deze putjes zorgen voor een verstoring van de lucht rond de bal waardoor deze stukken verder en rechter vliegt.
DIVOT
Wanneer je tijdens je slag een plag gras meeneemt sla je een divot. Je dient deze terug te leggen en aan te drukken, het kan zeer irritant zijn wanneer de bal tijdens het spel in een divot terecht komt.
DOOR DE BAAN
De gehele baan met uitzondering van de afslagplaats, hindernissen en de green.
DORMIE
Bij een matchplay wedstrijd kan een speler een punt winnen voor elke hole die hij wint. Wanneer een speler net zoveel punten voor staat op zijn medespeler als het aantal holes die nog te spelen zijn is hij de dormie. Deze speler hoeft enkel één hole te winnen of gelijk te spelen en hij is de winnaar.
DOG-LEG
Een hole die een bocht naar links of rechts maakt. Bij het spelen van deze holes zal u rekening moeten houden met de afstand tot de knik. Bepaal de ideale ligging door de volgende slag zo makkelijk mogelijk te maken. De vorm heeft iets weg van de achterpoot van een hond.
DOWNSWING
Het deel van de swing waar de club richting de bal beweegt wordt ook forward swing genoemd.
DRAW
Een balvlucht die met opzet een afbuiging naar links heeft. De speler staat rechts van het doel opgelijnd. Dit is de manier waarop de pro’s spelen.
DRIVE
De afslag. Meestal met de driver, de houten 1. Ook wanneer met een andere stok afgeslagen wordt wordt het een drive genoemd. Bij een par drie wordt het geen drive genoemd maar een approach aangezien het de bedoeling is de vlag te benaderen.
DRIVER
De stok met het grootset clubhoofd, de houten 1. Deze club is bedoeld om het verst mee te slaan maar meestal is het de stok die de gebreken van de speler het best zichtbaar maakt.
DRIVING RANGE
Voor oefening en om warm te slaan zijn driving ranges aanwezig op vrijwel elke golfbaan. Er bestaan ook driving ranges waarbij geen volledige golfbaan te vinden is. Hier wordt met name geoefend en les gegeven. Enkele zijn verlicht zodat ook ’s avonds geoefend kan worden. Zie “zoek een golfbaan” om verlichte driving ranges in je omgeving te vinden.
DROP
Het op de baan laten vallen na het onspeelbaar verklaren of hem uit een waterhindernis gevist te hebben. De speler moet de bal met gestrekte arm vanaf schouderhoogte laten vallen op een plek die uitgebreid beschreven wordt in de golfregels.
E
EAGLE
De vogel met snelheid en precisie, dat wat een golfer nodig heeft om een hole in twee slagen onder par uit te holen. Een eagle op een par drie wordt een hole-in one genoemd.
Klik hier voor meer score namen met uitleg
ECLECTIQUE
Wanneer een club voor zijn leden geregeld wedstrijden organiseert wordt vaak ook een eclectique gespeeld. Bij deze wedstrijdvorm worden de beste scores van de holes 1 tot en met 18 bepaald over een vooraf afgesproken periode of een aantal wedstrijden. De beste score voor hole 1, de beste hole 2, enz. De speler die gedurende de periode de beste score heeft behaald over achttien holes is de winnaar. Deze wedstrijdvorm wordt ook ringer score genoemd.
Zie ook het onderdeel "wedstrijd vormen" op deze site.
EER
De speler die als eerste mag afslaan op een hole krijgt de eer.
ETIQUETTE
De beleefdheid regels van het golf. Deze regels staan niet allemaal geschreven. Het is normaal dat wanneer een speler slaat, de medespelers en omstanders stil zijn en stil staan tijdens zijn slag maar ook de voorbereiding hiervan.
F
FADE
Een balvlucht met een (kleine) curve naar rechts. Hetzelfde als een “slice”, maar dan met opzet geslagen. Het tegenovergestelde is een draw.
FAIRWAY
Het kort gemaaide gras tussen de afslagplaats en de green.
FAIRWAY WOOD
De woods, of houten, worden gebruikt om lange afslagen te overbruggen. Behalve de driver kunnen deze clubs ook op de fairway gebruikt worden. Vandaar de benaming fairway wood.
Zie hier voor uitleg van de verschillende clubs met bijbehorende afstanden
FINISH
De eind positie van de swing. Het ziet er misschien overdreven uit maar een juiste finish zorgt voor een beter resultaat.
FIRST NINE / FRONT NINE
Een golfbaan van 18 holes is vaak verdeeld over twee maal negen holes. De eerste negen holes heten de first of front nine. Het wordt ook “out” genoemd aangezien in het algemeen van het clubhuis weggelopen wordt.
FLEX
De flexibiliteit van de shaft, de stok van de golfstok. Deze flexibiliteit betreft de buigzaamheid. Niet de draaiing van de clubhoofd ten opzichte van de grip bij het raken van de bal, dat heet TORSIE.
FLIGHT
Een groep spelers, meestal twee tot vier spelers die gezamenlijk een ronde lopen.
FORE
Wanneer je op een golfbaan komt en je hoort “FORE!!!” duik dan meteen in elkaar met je handen op het hoofd, er is een kans geraakt te worden door een golfbal. Natuurlijk is het niet zeker dat de bal jou kant op komt maar het is niet verstandig eerst rond te kijken. Er wordt gezegd dat fore een afkorting is voor “flying object reaching earth” is.
TIP: Fore roepen is een goed gebruik, geem schande, gebruik het goed!
FOREGREEN
Rond de green is het gras korter gemaaid als de fairway, maar het is niet zo kort als de green. Het wordt ook de dansvloer (dancefloor) genoemd.
FOUR-BALL / BEST-BALL / BETTER BALL
Deze wedstrijd vorm wordt gespeeld met twee teams van twee spelers. Per team wordt per hole de beste score gehanteerd als team score.
Zie ook het onderdeel "wedstrijd vormen" op deze site.
FOURSOME
Een wedstrijdvorm waarbij twee teams van twee spelers om en om met één bal per team spelen.
Zie ook het onderdeel "wedstrijd vormen" op deze site.
Of
Het wordt ook gebruikt om een flight van vier spelers aan te duiden.
FREE DROP
Het droppen van de bal zonder dat een strafslag berekend wordt. Bij voorbeeld vanuit “abnormale terreinomstandigheden”
G
GOING HOOK
Een bal die geslagen wordt die na de landing richting het doel moet rollen.
GRAIN
Op de green zal de richting waarin het gras groeit invloed hebben op de rol van de bal. De richting is de grain.
GRAND SLAM
De vier belangrijkste toernooien, Britisch open, US open, de Masters en de PGA Chanmpionship.
GREEN
Het deel van de baan waar het gras het kortst is, te herkennen aan het kenmerkende vlaggetje. Het gras wordt zeer kort gehouden om putten goed mogelijk te maken.
GREENFEE
Het bedrag dat afgerekend moet worden om te mogen spelen op een baan.
GREENKEEPER
Dit is de man of vrouw die het onderhoud aan de golfbaan uitvoert. Voor een 18 holes golfbaan zijn minimaal 3 fulltime greenkeepers nodig.
GREENSOME
Dit is een variatie op de foursome die ook gespeeld wordt met twee teams van twee spelers. Beide spelers van een team slaan af. Vanaf het beste resultaat wordt om beurten verder gespeeld.
Zie ook het onderdeel "wedstrijd vormen" op deze site.
GREEN IN REGULATION - GIR
Wanneer de bal op de green gespeeld wordt zodat nog twee slagen over blijven om de put te maken dan wordt gespeeld in GIR. Dat betekend dat bij een par 3 de green in één slag bereikt wordt, par 4 twee slagen en par 5 in drie slagen.
GREEN LEZEN
Het bekijken van de helling van de green om een inschatting te maken van de afwijking die de bal zou hebben. Je kan hiervoor op je buik gaan liggen maar dan moet je de put ook maken, anders is het een beetje overdreven.
GRIP
Het lederen, rubberen of kunststof handvat aan de shaft.
of
De manier waarop een speler zijn golfclub vasthoudt. Er zijn verschillende variaties mogelijk:
- BASEBALL GRIP
Deze grip wordt ook de palmgrip genoemd aangezien de club meer in de handpalmen ligt als bij de andere variaties. Net als bij de grip bij een honkbal knuppel zijn de handen naast elkaar en hebben geen contact met elkaar.
- INTERLOCKING GRIP
Samen met overlapping veel gebruikt. De pink van de onderste hand is tussen de wijsvinger en de middelvinger van de bovenste hand geklemd. Door dit klemmen zijn de handen onderling goed verbonden en is de kans op afwijking kleiner.
- OVERLAPPING GRIP
Deze grip wordt bij het putten en chippen zeer vaak toegepast aangezien meer gevoel nodig is en minder kracht. De onderste hand heeft de grip met alle vingers vast. Van de bovenste hand ligt de wijsvinger tussen de pink en ringvinger van de onderste.
- VARDON GRIP
Deze grip is wordt naast de interlocking grip zeer veel toegepast. Het lijkt op de overlapping grip maar de pink van de onderste hand ligt tussen de wijsvinger en middelvinger van de bovenste.
GROUND UNDER REPAIR - GUR
Wanneer de greenkeeper vanwege onderhoud “grond in bewerking” heeft wordt dat aangeduid met blauwe paaltjes en mag zonder strafslagen buiten dit gebied gedropt worden.
GUNSHOT
Wedstrijden worden vaak aangevangen op verschillende holes. Alle spelers beginnen op een afgesproken tijd tegelijk met afslaan op verschillende holes. Wanneer 18 holes gespeeld zijn loop je weet terug. Je kan pech hebben als je op een verre hole moet starten, je moet ook weer terug lopen.
H
HALVEREN
Het halveren van de hole is het gelijkspelen tijdens een matchplay wedstrijd.
HANDICAP
Een getal dat de speelsterkte van de speler aangeeft. Hoe lager het getal hoe beter de golfer. Officieel is de hoogste handicap 36 en kan ik uitzonderlijke gevallen een negatieve waarde hebben. Er zijn golfclubs die onofficiële handicaps hanteren van boven de 36. De handicap wordt gebruikt om het aantal slagen te bepalen dat de speler mag gebruiken om een baan te ronden.
Zie ook "uitleg handicap".
HANDSCHOEN
Om meer grip op de club te hebben draagt een golfer één handschoen. Door de extra grip hoeft de club minder stevig vastgehouden te worden wat zorgt voor een soepelere swing en daarmee een beter resultaat. Rechtshandige spelers dragen hun handschoen links, de bovenste hand heeft de handschoen haan.
HARK
In een bunker vindt u een hark. Door het zand in de bunker netjes aan te harken blijft de bal niet liggen in de kuil van een voetafdruk. U dient te harken, vergeet dat niet.
HIEL
Het deel van de golfclub waar de shaft aansluit op het blad/ de kop van de club.
HINDERNIS
Om een hole uitdagender te maken zijn er naast bomen, de vorm van de hole en verschillende ondergronden ook hindernissen van water of zand aangelegd. Zand hindernissen zijn de bunkers die op de fairway liggen maar ze zijn met name te vinden rond de green. Waterhindernissen kunnen slootjes of vijvers zijn. Voor hindernissen zijn bijzondere regels van toepassing.
HOLE
De term hole wordt gebruikt als het gat waarin het balletje moet verdwijnen. Dit wordt ook CUP genoemd. Maar ook de baan waarop gespeeld wordt noemt men hole.
HOLE IN ONE
Waarschijnlijk de bekendste golfterm. In één slag de bal in de hole laten verdwijnen. Wanneer een hole in one geslagen is wordt verwacht dat je een rondje champagne trakteert in het clubhuis. Aangezien dit aardig in de papieren kan lopen kunt u een hole in one verzekering afsluiten.
HOOK
Een balvlucht die sterk naar links afbuigt. Indien het met opzet gespeeld wordt heet het een “draw”. De meeste golfers zouden het dus een hook moeten noemen.
HOUT
Ondanks dat deze golfclubs al sinds de jaren 80 niet meer van hout gemaakt worden deze nog steeds houten of woods genoemd, officieel een metal-wood. Het betreft de grote clubs uit de tas. Het grote slagvak zorgt ervoor dat de clubs zeer vergevingsgezind zijn. De massa, lange shaft lengte en kleine loft zorgen voor de lange afstanden. Een driver is ook een wood. Zie voor meer info en afstanden “Club keuze” elders op deze site.
I
IJZER
De golfclubs voor de kortere afstanden. Deze clubs geven veel controle over de bal zijn makkelijker te hanteren aangezien ze kortere schafts hebben. Wedges zijn ook ijzers, irons in het Engels.
Lees meer over golfclubs bij “Club keuze” elders op deze site.
IMPACT
In slow motion is het prachtig om te zien hoe de keiharde golfbal vervormd op het moment dat de golfclub de bal raakt, de impact.
J
JUNGLE
Wanneer je bal diep in de rough ligt bevind je je in de jungle.
K
KERN
Een golfbal is uit verschillende lagen opgebouwd. De kern is het centrum van de bal.
KORT SPEL
Het onderdeel van het golfspel waar in het algemeen te weinig op geoefend wordt en daardoor voor vele slagen op de score kaart verantwoordelijk is. Het korte werk op en rond de green.
L
LATERAAL
Wanneer iets in de lengte richting langs de baan ligt, een dergelijke water hindernis is een laterale waterhindernis, te herkennen aan de rode paatjes..
LIE
De hoek tussen de shaft en het clubhoofd.
of
De plek waar de bal stilligt na hem geslagen te hebben, ofwel de ligging. Zowel wat ligging ten opzichte van het doel als de ondergrond waarop de bal ligt bepaald een goede of slechte lie.
LINKS
Golfbanen in een kuststreek hebben veelal een zandige ondergrond en zeer stug gras. Hierdoor is het van groot belang op een dergelijke golflinks zeer gecontroleerd te spelen aangezien je niet in de verschrikkelijke rough wilt komen. Dit wordt zeer lastig aangezien dergelijke banen vaak in winderige gebieden te vinden zijn en er geen bomen groeien.
LOB WEDGE
De club met een zeer grote loft die een hoge, korte balvlucht met weinig rol mogelijk maakt.
Zie voor details en afstanden van de verschillende golfclubs “Club keuze” elders op deze site.
LOFT
De hoek van het clubblad. Dit bepaald de hoogte en daarmee ook de lengte van de slag. Zie Club keuze.
M
MALLET
Een type putter met een brede kop.
MARKER
De persoon die de score van een speler bijhoudt tijdens een wedstrijd of qualifing ronde. Deze persoon is niet de verantwoordelijke voor het noteren van strafslagen, de speler blijft zelf verantwoordelijk.
of
Een klein, plat rond voorwerp dat gebruikt wordt om de ligging op de green aan te geven (MARKEREN) wanneer de bal opgenomen wordt. Vaak wordt hiervoor een muntje gebruikt. Ik gebruik zelf een dubbeltje (munt van 10 cent uit het gulden tijdperk).
MATCHPLAY
Samen met strokeplay is dit een basis wedstrijdvorm. Per hole wordt er tegen elkaar gestreden om het beste resultaat. Niet, zoals bij strokeplay tegen de par van de baan. Er kan gespeeld worden door twee individuele spelers of twee teams van twee spelers. Iedereen speelt zijn eigen bal. De speler die de minste slagen gebruikt wint een punt Variaties op deze spelvorm: wedstrijd vormen
MEDALPLAY
Deze speelvorm wordt meestal strokeplay genoemd. Zie strokeplay voor uitleg.
METAL-WOOD
Vroeger werden de houten/woods zoals de naam al aangeeft van hout gemaakt aangezien tegenwoordig metaal gebruikt wordt kan het nogal verwarrend zijn. Vandaar dat ze het metal-wood genoemd hebben. Een hele verbetering, ze hadden het beter de knotsen kunnen noemen.
MULLIGAN
Na een mislukte afslag op de eerste hole wordt kan je een mulligan spelen. Dit is een tweede afslag waarbij de eerste in zijn geheel komt te vervallen. Dit mag natuurlijk niet bij wedstrijden of andere situaties waarbij volgende officiële regels gespeeld dient te worden.
N
NEARY
De persoon die met zijn eerste slag, op een van te voren bepaalde par 3 hole, de bal het dichtst bij de hole krijgt wint de neary.
NEGENTIENDE HOLE
Een baan heeft 18 holes, daarna gaat het spel door op de negentiende, het na “genieten” met een drankje op het terras of in het clubhuis.
NETTO SCORE
De bruto score is het werkelijke aantal slagen, handicap het aantal slagen dat extra gebruikt mag worden. Na verrekening van de twee blijft de netto score over.
NGF
De Nederlandse golf federatie is de vereniging van golfers en golf organisaties. Zij bepalen de regels in Nederland en hebben de centrale handicap registratie.
Zie ngf.nl voor meer info.
O
OEFEN GREEN / OEFEN BUNKER
Oefen faciliteiten van een golfbaan bestaan uit en drivingrange, een oefen bunker en een oefen green. Hier kunt u alle slagen die u in de baan moet gebruiken uitgebreid oefenen. Soms is een aparte green aanwezig voor het oefenen van CHIPS. Dit wordt dan de chipping green genoemd.
ONDER CLUBBEN / OVER CLUBBEN
Een verkeerde club kiezen door de afstand verkeerd in te schatten of door het niet goed weten van de afstanden die de speler met zijn verschillende clubs slaat. Eén of meer clubs te weinig is onder clubben, wanneer de bal één of meer clubs te ver komt over clubben.
ONSPEELBARE BAL / ONSPEELBARE LIGGING
Indien de bal op een lastige plek ligt heb je altijd de keus om de bal onspeelbaar te verklaren. Je mag dan de bal op een andere plaats droppen, volgens de regels natuurlijk. Het kost slechts één strafslag.
TIP: Verklaar eens wat vaker een bal onspeelbaar en vertrouw wat minder vaak op je feilloze techniek, dat is goed voor het eindresultaat.
OPENBARE BAAN
Een openbare baan is toegankelijk voor niet leden. Het heeft niets met het al dan niet in bezit zijn van het GVB te maken.
OPTEEËN
Het spelen van een hole begint met het op de tee plaatsen van de bal.
OUT OF BOUNDS
Die verschrikkelijke witte paaltjes die de grens aangeeft tussen de baan en de wereld daarbuiten. Indien de bal buiten deze grens komt zal opnieuw gespeeld moeten worden vanaf de originele plek en daar bovenop krijg je een strafslag.
P
PAR
Het aantal slagen dat een professional mag gebruiken om een hole uit te spelen. De parren van de holes opgeteld is de par van de baan.
PAR DRIE BAAN
Vaak is bij een golfbaan een par 3 baan te vinden. Op dit zijn vaak 9 holes met alles er op en er aan, bunkers, waterhindernissen e.d. De maximale lengte is ronde de 150 meter per hole. Wanneer tijdens een GVB cursus aangetoond is dat niet elke bal de parkeerplaats op geslagen wordt zal baanpermissie voor de par 3 gegeven worden. Hier kan het echte spel geoefend worden waaronder de etiquette.
PGA
Professional Golfers Association. De vereniging voor professionele golfers organiseert oa de grote toernooien.
PIN
Zie VLAG.
PIN HIGH
Ligging van de bal die op gelijke hoogte is. Afstand was goed, richting niet helemaal.
PIN POSITIE
De positie van de holes wordt regelmatig veranderd om de green gelijkmatig te belasten. Een green is vaak opgedeeld in verschillende sectoren die afwisselend gebruikt worden als PIN POSITIE.
PITCH
De term pitch wordt zowel gebruikt voor een type slag als het resultaat daarvan. Ten eerste is de pitch slag een slag over een korte afstand. Deze kan met alle clubs met veel loft geslagen worden, niet alleen met een pitching wedge.
Als de bal de green bereikt zal er een kleine krater van de impact achterblijven, de pitch. Deze dient door de speler verwijderd te worden met de PITCHFORK.
Als de bal de green bereikt zal er een kleine krater van de impact achterblijven, de pitch. Deze dient door de speler verwijderd te worden met de PITCHFORK.
PITCH AND PUTT
De pitch and put banen zijn zeer in opkomst. Het zijn banen waar de holes maximaal 70 meter lang zijn waar geen GVB nodig is om te spelen. Leuk voor een vrijgezellenfeest oid. Verwar het niet met de iets langere PAR DRIE banen waar vaak wel een GVB of baanpermissie nodig is.
PLAY-OFF
Indien een matchplay wedstrijd in een gelijk spel eindigt na 18 holes wordt er een playoff gepeeld. De playoff kan eindigen door winst door een van de spelers of het beste resultaat over een aantal holes.
PLAATSELIJKE REGELS
Regels die enkel voor de betreffende baan van toepassing zijn. Deze zijn te vinden bij het clubhuis, eerste hole en/of op de score kaart. De regels zijn in de trend van: Het grindpaadje tussen de 3e en 8e hole dient als GUR behandeld te worden. Belangrijk om goed te lezen aangezien hier voordeel uit te halen is.
PLAG
Wanneer een bal liggend op de fairway goed geslagen wordt zal een plag het resultaat zijn. Een stuk gras dat met de bal meegeslagen wordt. Deze plag moet weer terug gelegd en aangedrukt worden. Het is niet de bedoeling hele zoden er uit te slaan!
PRO-AM
Een wedstrijd waarbij professionals en amateurs samenspelen.
PRO SHOP
De shop waar naast golfclubs, ballen en kleding ook starttijden te reserveren en greenfees af te rekenen zijn.
PROFESSIONAL
Een golfer die geld verdient met zijn sport of als beroep golft. Wedstrijd golfers en leraren zijn pro’s.
PROVISIONAL BAL
Wanneer een bal gespeeld is waarbij deze mogelijk onvindbaar of out of bounds is kan een provisional gespeeld worden. Er wordt alvast een tweede bal gespeeld voor het geval de eerste bal opnieuw gespeeld dient te worden (straf en afstand). Indien later blijkt dat de eerste bal gespeeld kan worden dient dit te gebeuren.
PULL
Een bal die direct na de slag een afwijking naar links heeft.
PUSH
Een bal die direct na de slag een afwijking naar rechts heeft.
PUTT
De afsluiting van de hole. Met de putter de bal in de hole slaan.
PUTTER
De club die gemaakt voor het putten.
Q
QUALIFING STAAT
Als de baan in qualifing staat is dan is de staat van de baan dusdanig dat er een qualifing ronde gelopen kan worden. Dit kan veelal gecontroleerd worden op de website van een golfbaan of een bord bij de ingang van een baan. Het mag ook nagevraagd worden bij de receptie.
Zie ook "uitleg handicap".
QUALIFING RONDE
Het spelen van een ronde die meetelt voor handicap berekening.
Zie ook "uitleg handicap".
R
RECOVER
Een slag om uit een slechte positie te komen, het is een tussenslag om tot een betere ligging te komen.
REGLEMENTAIR
Wanneer een hole gelijk aan paar gespeeld wordt speelt men reglementair.
RELEASE
Het moment in de downswing waarop de polsen mogen meewerken.
RINGER SCORE
De dreamround van de speler. Wanneer er vaker op een baan gespeeld wordt kan de ringer score berekend worden. Per hole wordt de beste score ooit genomen, het totaal is de ringer score.
ROUGH
Het deel van de baan dat niet of nauwelijks gemaaid wordt. Het is alles behalve de afslagplaats, fairway, bunkers, waterpartijen en de green.
ROYAL & ANCIENT OF SINT ANDREWS (R&A)
Op deze golfbaan (Schotland) wordt de British open gespeeld. Dit is tevens de plaats waar de Europese golfregels bepaald worden.
S
SHAFT
De stok van de golfstok. Een shaft kan van staal of graphit zijn. Er bestaan stijve en flexibele shafts, en alles daartussen. De stiffness is afhankelijk van uw swing snelheid en kracht.
SCORE
Het gespeelde aantal slagen bij stokeplay, het aantal punten bij stableford, de onderlinge stand bij matchplay, het gewonnen of veloren bedrag, het maakt niet uit hoe het uitgedrukt wordt als het maar aangeeft hoe er gespeeld is. Indien het van toepassing is wordt in het algemeen de netto-score bedoeld. Dit is de score na verrekening van de speelsterkte.
De score wordt bijgehouden op de SCORE KAART waar tevens informatie als de lengte, par en moeilijkheid van de holes op vermeld wordt.
De score wordt bijgehouden op de SCORE KAART waar tevens informatie als de lengte, par en moeilijkheid van de holes op vermeld wordt.
SCRATCH
Een speler die op handicap niveau 0 speelt. Dit zijn alle professionals en enkele amateurs. Amateurs hebben in dat geval een handicap van 0, geen handicap wilt zeggen dat de speler speelt voor handicap 36.
SHANK
Een mislukte slag omdat de bal niet met het slagvlak geraakt wordt. De bal vliegt hard naar rechts (bij rechtshandige spelers).
SKINS
Bij deze veelgebruikte speelvorm is de winnaar de persoon die de meeste centen heeft gewonnen aan het eind van de ronde. Bij aanvang wordt de inleg per hole bepaald. De persoon die de laagste score op de hole heeft wint de pot voor die hole. Bij gelijkspel wordt de pot meegenomen naar de volgende hole waardoor de pot en daarmee de zenuwen toe nemen. Neem van mij aan, het gaat hierbij niet letterlijk om centen.
SLAG
Niet zo’n open deur als je misschien denkt. Het is een beweging met de club die bedoeld is om de bal te raken. Indien de bal niet geraakt wordt dient het dus als slag genoteerd te worden op de score kaart.
SLAGVLAK
Het deel van het clubhoofd dat contact maakt met de bal bij een slag. Er zijn groeven op aangebracht.
SLAGZONE
Het moment dat de bel geraakt wordt tijdens de swing is de slagzone. Het is de bedoeling dat het lichaam dan dezelfde houding heeft als tijdens adresseren. Door video opnamen te maken zal het verschil zichtbaar worden. Schrik niet.
SLICE
Balvlucht die sterk van links naar rechts gaat. Meestal een foute slag, maar kan met opzet worden geslagen om een obstakel te ontwijken, dan heet het een FADE.
SOK
De beschermhoes voor een hout. Het voorkomt beschadigingen en hinderlijk getik wanneer de tas op de rug gedragen wordt. Verkrijgbaar in de meest vreemde varianten.
SPIKES
Metalen spijkers onder golfschoenen om meer grip te hebben. Tegenwoordig worden met name kunststof varianten gebuikt. Op sommige banen zijn spikes verboden aangezien ze de green kunnen beschadigen, SPIKE MARKS.
SQUARE
All square wordt gebruikt om aan te geven dat spelers een gelijk aantal punten hebben bij matchplay. Maar square wordt ook gebruikt als indicatie dat het clubblad recht op het doel staat.
TIP: Hou rekening met de anderhalve meter tussen de voeten en de bal. Indien je de voeten recht op het doel richt en de bal perfect slaat dan zal de bal anderhalve meter naast het doel landen. Veel “stel” en “als” in deze tip, maar het zal je maar gebeuren.
STABLEFORD
Een alternatieve score methode voor strokeplay. Erg slechte holes hebben een minder rampzalig effect op de eindscore. Wanneer een hole in par gespeeld wordt verdiend de speler 2 punten. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de handicap van de speler. Een goed eindresultaat is 36 punten, hoe hoger het aantal punten hoe beter de ronde.
Zie Uitleg Stableford voor uitgebreide uitleg en GRATIS oefeningen.
STAND
De stand van de voeten tijdens het adresseren.
STRAFSLAG
Een slag die bij de score voor de betreffende hole opgeteld dient te worden om de speler te straffen voor een voorval. Het aantal punten staat beschreven in de golfregels. Dit kan één of twee strafslagen zijn.
STROKE
Zie SLAG.
STROKE INDEX
Een nummering van 1 tot 18 die de onderlinge moeilijkheid van de holes aangeeft. Deze index wordt ook gebruikt om de handicap slagen over te verdelen. De moeilijkste hole krijgt stroke index (SI) 1.
SWEET-SPOT
Wanneer u de bal raakt met de sweet-spot van uw club dan merkt u het meteen. Het geluid van de impact is zachter en mooier, de bal vliegt zo’n 10% verder en is kaarsrecht als de rest van de swing net zo goed was. Dit komt omdat het slagvlak de bal het raakt op het middelpunt van de gewichtsverdeling. Dit lukt in het algemeen alleen op de driving range.
SWING
De golfswing is de totale beweging die de golfer maakt bij het slaan van de bal.
SWING BOOG
De boog die het clubhoofd aflegt tijdens de swing.
T
TEE
Het pinnetje om de bal op te leggen tijdens de afslag. Ze zijn in het algemeen van hout gemaakt en geverfd in opvallende kleuren. Een tee breekt meestal wanneer de bal goed geslagen wordt. Vandaar dat er ook biologisch afbreekbare tee’s te koop zijn. Naast reclame op ballen worden tee’s veel gebruikt als relatie geschenk.
TEE OFF
Het afslaan. Tee-off time wordt vaak gebuikt in plaats van het duidelijkere “starttijd eerste afslag”.
TIJDELIJK WATER
Een water op de baan, gevormd door regen, opkomend grondwater of een overlopende vijver. Eigenlijk maakt het niet uit hoe het er gekomen is, maar als het duidelijk is dat niet opzettelijk is aangelegd, dan is het tijdelijk water. Ja… gewoon een plas dus.
TIMING
Enkel weten welke beweging gemaakt moet worden is niet voldoende. Alles moet kloppen om de perfecte bal te slaan.
TOPPEN
Dit komt nogal eens voor. De bal te hoog raken waardoor de bal zeer vlak over de baan vliegt. De bal wordt niet geraakt met het slagvlak waardoor de loft geen invloed heeft op de balvlucht. Vaak gaat de bal wel recht, dat is dan weer het geluk bij het ongeluk dat toppen heet.
TORSIE
De draaiing van de shaft op het moment dat de bal geraakt wordt.
TRAJECT
TROLLY
Wielen die onder een golftas te bevestigen zijn. Het heeft ook een handvat om het geheel voor je uit te duwen (Push trolly, drie wielen) of achter je aan te trekken (Pull trolly, twee wielen) Tevens bestaan er trolly’s met een elektrische hulpmotor.
U
USGA
De Amerikaanse organisatie die onder andere de golfregels voor de VS bepaald.
UITHOLEN
De hole afronden met een put.
V
VLAG
Zoals Robin Williams (als een dronken schot) omschrijft hoe de golfsport bedacht is: “Right near the end I put a flat peace with a little flag, to give you f*cking hope…” Zie “golf humor” voor de hele video. De vlag kan naast indicatie van de positie van de hole ook gebruikt voor het bepalen van de afstand. De vlaggenstokken zijn namelijk (normaal gesproken) allemaal de zelfde lengte. Met goed ruimtelijk inzicht (of een afstandsmeter) kan de afstand bepaald worden. Een bal of een klein vlaggetje aan de vlaggenstok geeft aan of de hole vooraan of achteraan de hole staat.
VLUCHT
Zie balvlucht of verklaring balvlucht
W
WAGGLE
Het lijkt wat overdreven maar veel spelers hebben de gewoonte me de stok een waggle uit te voeren tijdens de voorbereiding op de slag. Het is het heen bewegen van de golfclub om gevoel te krijgen voor de lengte en het gewicht van de club.
WATER HINDERNIS
Een opzettelijk aangelegde water partij om het spel uitdagender de maken, net als de bunker.
WEDGE
De wedge is een golfstok die gebruikt wordt om korte slagen te maken. Het slagvlak heeft een hoek van 46 graden. Veel voorkomende wedges zijn de pitching, gap, sand en lobwedge.
Zie club keuze elders op deze site.
WIEGEN
Tijdens de backswing het lichaam teveel achterwaarts bewegen.
WINTER GREEN
Omdat greens met name ’s winters makkelijk beschadigd raken wordt een tijdelijke green gemaakt aan het eind van de fairway. Voor dergelijke tijdelijke greens gelden speciale regels.
Y
YIPS
Wanneer je een makkelijke put mist kan je altijd aangeven dat je de Yips hebt, last van spanningen.
Z
ZIT
Als de bal te ver dreigt te gaan kan een golfer allerlei kreten roepen. “Zit” of “Bite” is de nette variant.
ZOOL
De onderkant van de club.


